Gunstige staat van instandhouding
De gezondheid en levensvatbaarheid van een natuurlijke habitat of een soort. Doelstelling van artikel 2 Hrl en een belangrijke basis voor de gebiedsbscherming van artikel 6 Hrl.
Volgens artikel 2 wordt de staat van instandhouding van een natuurlijke habitat als gunstig beschouwd wanneer:
- het natuurlijke verspreidingsgebied van de habitat en de oppervlakte van die habitat binnen dat gebied stabiel zijn of toenemen, en
- de voor behoud op lange termijn nodige specifieke structuur en functies bestaan en in de afzienbare toekomst vermoedelijk zullen blijven bestaan, en
- de staat van instandhouding van de voor die habitat typische soorten gunstig is.
In de context van de stikstofproblematiek zou een gunstige staat van instandhouding betekenen dat:
- de achtergronddepositie tijdig onder of nabij de KDW wordt gebracht, zodat in ieder geval verslechtering wordt uitgesloten.
- ook de effecten van andere drukfactoren worden weggenomen.
- voldoende effectieve natuurherstelmaatregelen worden getroffen om de gevolgen van de langdurige overbelasting weg te nemen.
Zie ook
Gunstige staat van instandhouding