Doelsturing

Bedrijfsspecifieke emissiedoelen. Onderdeel van het advies uit het tweede Commissie Remkes-rapport ‘Wat wel kan’. Nog geen bestaand beleid.

Het idee is dat met een natuurvergunning voor de agrarische sector enkel nog emissie-eisen gelden. De ‘Boer aan het Stuur’. De KDW en de (in veel gevallen te hoge) achtergronddeposities zijn niet langer een te beoordelen onderdeel voor vergunningverlening, omdat een ondernemer daar onvoldoende op kan sturen, zo is de gedachte.

De te stellen emissie-eisen zijn afhankelijk van het type bedrijf, en worden enkel indirect afgestemd op de achtergronddepositie en de stikstofgevoeligheid van de aanwezige natuurtypen.

Met deze betekenis van doelsturing zouden de instandingsdoelen van de beschermde natuurtypen en -soorten buiten beschouwing worden gelaten. Dit staat op gespannen voet met artikel 6 lid 3 Hrl, waarin als voorwaarde is gesteld dat instandhoudingstellingen voor de natuurwaarden in het vergunningbesluit worden betrokken.

Doelsturing is een reprise van het MINAS, dat gold in de periode 1998-2003, als uitwerking van de Nitraatrichtlijn, door het Europees Hof van Justitie strijdig verklaard met de Nitraatrichtlijn.

Het doel van stikstofbeleid zou moeten zijn het bereiken van de natuurdoelen van de Hrl: a) het voldoen aan art. 6.1 en 6.2 Hrl (de stikstofdeken voldoende verkleinen) en b) het voldoen aan art. 6.3 Hrl (uitsluiten van significante effecten). Met doelsturing wordt het middel, wat het stikstofbeleid zou moeten zijn, tot doel verheven en raakt het natuurdoel buiten beeld.

Woordenboek

Doelsturing